Bijgeloof: een handvat voor de ziel

  • Stefan Gärtner

Op het internet staan lijsten van alles. Zo leer je dat 13 een ongeluksgetal is, dat een konijnenpootje juist geluk brengt en dat je door af te kloppen op onbewerkt hout mogelijk ongeluk kunt afwenden. Althans, dat is de top drie van een lijstje met de populairste vormen van bijgeloof. Zoals naar alles wordt ook hier wetenschappelijk onderzoek naar gedaan. Michael Mayo en Michael Mallin bijvoorbeeld hebben in Ohio 240 medewerkers van een verzendbedrijf naar hun bijgeloof gevraagd. 70% van hen gaf aan dat ze bij het werk kleine rituelen uitvoeren of een talisman dragen. Stel nou dat de verzending van pakjes en pakketten hierdoor soepeler verloopt. Zou je dan niet moeten concluderen dat de pakketbezorgers juist niet bijgelovig zijn? Wetenschappers aan de Universiteit van Keulen toonden aan dat bijgeloof inderdaad de prestatie van proefpersonen verbetert.

Het bijgeloof wordt geloofwaardig wanneer het daadwerkelijk blijkt te werken. Het biedt een handvat voor de ziel. Als een leerling voor een tentamen altijd een bepaalde pen gebruikt, hetzelfde paar schoenen aantrekt of de knuffel meeneemt die hij van zijn vriendin cadeau heeft gekregen, dan zal hij zich daardoor zekerder voelen en levert hij vervolgens betere prestaties af. Hij krijgt een extra steuntje in de rug en dat geeft hem meer zelfvertrouwen. Omdat het opnieuw bleek te werken, wordt het bijgeloof bevestigd. Dit geloof kan de spreekwoordelijke bergen verzetten.

Een serieuze variant van dat geloof brengt Jessica Durlacher onder de aandacht in haar roman Het geweten. Het is het verhaal over hoe het trauma van een Holocaustoverlevende doorwerkt in de volgende generatie. Al in de kindertijd leeft bij Edna Mauskopf de overtuiging dat haar familie permanent bedreigd wordt en dat zij voor bescherming moet zorgen. Ze ontwikkelt als dwanghandeling een lichaamsbeweging: als zij haar hoofd en haar schouders op een bepaalde manier op en neer beweegt, is het gevaar gebannen, zal er dus op dit moment niets gebeuren. Ze moet deze handeling steeds vaker en extensiever uitvoeren, waardoor ze uiteindelijk psychisch in de problemen komt.

In dit tragische voorbeeld treffen we de basisstructuur aan van elk bijgeloof: het creëren van een causale samenhang van oorzaak en gevolg tussen twee dingen die op zich niets met elkaar te maken hebben. Het gaat om de magische overtuiging dat als je het ene doet, invloed hebt op iets anders waar je normaal weinig grip op hebt. Op deze wijze willen mensen tegen de contingentie van hun bestaan opboksen. Ze willen controle over iets wat niet te controleren valt. Hoe hoger het risico van controleverlies, des te eerder hebben mensen de neiging om hun toevlucht te nemen tot een bijgeloof. Acteurs die elke avond de bühne op moeten, zijn daarom bijgeloviger dan ambtenaren bij de belastingdienst. 

Dat het daarbij eigenlijk om een self-fulfilling prophecy gaat, doet er niet veel toe. Omdat iemand een bepaald verwachtingspatroon op de werkelijkheid legt, blijkt deze precies te zijn zoals op voorhand werd verondersteld. Iemand die ervan overtuigd is een goede voetballer te zijn, zal inderdaad vaker scoren. Bijgeloof helpt om deze overtuiging te koesteren. De voetballerij is er vol van.

Al weten mensen dat hun bijgeloof eigenlijk op lemen voeten staat, ze blijven er toch aan vasthouden. Ze zeggen zich ervan bewust te zijn dat ‘het’ natuurlijk niet zo werkt, maar ze gaan door op hun bijgelovige paden. Hierdoor blijven in een anders volstrekt gerationaliseerde samenleving restanten overeind van een magisch denken.

En wellicht juist daarom. De belofte dat in onze maatschappij alles goed voor iedereen is geregeld, verdoezelt het feit dat mensen zich nog steeds ontheemd en onveilig voelen. Er zijn weinig mogelijkheden om deze onzekerheid te uiten. Na de secularisatie bieden kerkelijke rituelen voor velen geen middel meer om ervaringen van contingentie te verwerken. Wel blijft een andere vorm van geloof overeind: het bijgeloof wordt niet als ouderwets beschouwd. Het is van alle tijden.

Foto: Talisman door K.Ivoutin (CC BY 2.0)

Tags: